In Kings Park, Perth
He, dat is interessant, op de luchthave van Tampa (Florida) moeten de nummers van de stat- en landinsbanen gewijzigd worden door… de verplaatsing van de magnetische Noordpool. Doordat de Noordpool “zich†met ongeveer 55km per jaar verplaatst wijzigt de magnetische declinatie (het verschil tussen het geografische en het magnetische Noorden) voortdurend, afhankelijk van de plaats op aarde.
(bron: Wikipedia)
De hoofdlandingsbaan van Tampa Airport werd met 18R/36L aangeduid, doordat ze vanuit het Noorden met een koers van 180° (op kompas) en vanuit het Zuiden met een koers van 360° moest aangevolgen worden. Door de verplaatsing van het magnetische Noorden zijn dat nu 190° en 10° geworden, de naam van de runway is dus naar 19R/1L gewijzigd. De twee andere landingsbanen zullen later aangepakt worden, niet enkel de namen maar ook alle aanduidingsborden, de op de grond aangebrachte indicaties,… moeten aangepast worden. (bron)
Toch bizar hoe de positionering in de luchtvaart in het GPS-tijdperk nog steeds afhangt van gyroscopen en versnellingsmeters en GPS-systemen en radiobakens enkel secundair gebruikt worden. (zie ook deze blogpost van LVB)
Wat me ook opviel toen ik wat aan op Google Earth rondkeek, de twee parallelle landingsbanen op Brussels Airport die beide met 07/25 aangeduid worden liggen niet helemaal parallel maar hebben een hoekverschil van 5°. De Noordelijke heeft een heading van 65°, de Zuidelijke 70°.
Ze houden er toch een bizar ritme op na onze West-Australische vrienden, de eerste week dat je hier probeert mee te geraken in Perth is het toch even aanpassen.
Afspraken worden hier vlotjes gemaakt, gewoon even de telefoon nemen en het gesprek eindigt bijna altijd in ‘let’s grab a coffee’. Een uur later zitten we dan ook daadwerkelijk samen aan een tafeltje in een café waarna we bij wederzijdse interesse nog even op kantoor samen naar kaarten en resultaten kijken.
Mensen, zijn dus heel benaderbaar, zelfs op hoog niveau binnen bv. de olieindustrie, MAAR enkel tussen 9am en 5 pm, het loont echt niet de moeite na 5 uur nog te proberen af te spreken, dan is het family time. Enkel expats zullen tijdens de week voor een diner afspreken.
‘Samen lunchen gebeurt dan weer wel vaak, elk betaalt z’n eigen lunch; een broodje, een meeneemAziaat of een slaatje met een frisdrank worden op een terras of op een bank in de zon verorberd terwijl er rustig verder gediscussieerd wordt. Altijd alcoholvrij, behalve de vrijdag. Vrijdagmiddag duiken plots de pinten op de terassen en in de restaurants op, en dat gaat het heel de namiddag en avond door, veel kantoren gaan samen op café om daar (tijdens de werkuren en vaak op kosten van de baas) pinten te drinken, te verbroederen met de collega’s, de contacten en zelfs de concurrenten. Want iedereen hier werkt op enkele km²’s oppervlakte, en iedereen kent iedereen. Een sociale en open manier van zakendoen, erg wennen voor een Belg, maar wel zo aangenaam.
Een routinevlucht (BA 401) van Brussel naar Londen ontaarde boven Londen in een staaltje van luchtacrobatie waarmee onze piloot achtervolgers afgeschud kreeg.
Het moet gezegd worden, het is wel indrukwekkend om achteraf in de GPS log te zien hoe de (automatische?) piloot erin slaagde om 3 perfecte ovalen te vliegen, respectievelijk op 300 en op 30 meter afstand van de vorige passage. Niet slecht aan een grondsnelheid van 550 km/h, ik zie het mezelf nog niet doen met onze Peugeot.
Te laat komen, het is een van de grootste angsten die ik heb. Ik denk niet dat er veel mensen zijn die me al te laat hebben weten aankomen, een of twee wekkers een half uur te vroeg instellen, ruim op tijd vertrekken, panisch de klok in het oog houden en continu berekenen hoe laat ik ongeveer zal aankomen om dan natuurlijk veel te vroeg ter plaatse te zjin.
Maar vanmorgen… Vanmorgen sliep ik in een hotelkamer in Tanger terwijl beneden de chauffeur op me wachtte om me naar de luchthaven te brengen…
Om zeven uur belde de receptie me wakker, dat er iemand op me stond te wachten. Zeven uur, en de vlucht naar Brussel vertrok om acht uur, checkin sloot om 7.10 en het was een twintig minuten rijden. In volle paniek mijn bagage in de tas gesmeten, aangekleed (tshirt achterstoor trouwens) en naar beneden gestormd om uit te checken en in de lobby mijn tshirt om te draaien
In volle vaart naar de luchthaven, daar een half uur voor het vertrek aangekomen waar je aan de checkin gelukkig nog kunt onderhandelen over het heropenen van de checkin, dat zou in Zaventem geen waar zijn denk ik. Om tien voor acht stapte ik vol adrenaline als voorlaatste het vliegtuig op.
Eind goed al goed, enkel spijtig van de kleren die ik in de haast uit de kast vergeten te nemen was. Hopen dat ze die snel opsturen.
Een binnenlandse vlucht in India, met King Fisher, een vliegtuigmaatschappij dat ook het grootste lokale biermerk is(allez, lokaal in India is qua schaal nog iets anders dan lokaal in Vlaanderen), echt bemoedigend was het niet.
De piloten zagen er gelukkig niet uit als wandelende bierflesjes en aan boord werd geen alcohol geschonken. Wel een slaatje op basis van linzen.
Een vliegtuig met propellormotor is qua beleving toch iets anders (vooral trager en luidruchtiger) dan een straalmotor.
Tuticorin-Chennai: 577km, kruishoogte 4800meter, kruissnelheid 490km/h
Vreemde manieren hebben ze daar bij Air Baltic, 15 Euro aanrekenen voor een tweede stuk bagage schijnt tegenwoordig meer en meer gangbaar te zijn, maar vijf Lat aanrekenen voor het inchecken, tenzij je je ter plaatse intekent voor hun airmiles programma vond ik er toch wel over.
Verder een rustige vlucht (altijd zalig om na drie weken terug naar huis te kunnen) en de GPS had weer voldoende onvangst om het traject te loggen.
Vanuit Riga over de Baltische zee, Noord Duitsland en bij Emmen tot Hoogstraten het Nederlandse luchtruim in. Boven Zoersel draaiden we SSE richting Aarschot om van daaruit (over Wijgmaal) in rechte lijn runway 25L aan te vliegen. Cruisehoogte van de Boeing 737-500 was 10.700 meter, snelheid +/-770 km/h
Vannamiddag start de allereerste grote prijs F1 van Abu Dhabi op het Yas Island, enkele kilometers van de stad Abu Dhabi zelf. Normaal gezien zou het me allemaal koud laten (Ik word niet echt wild van Formule 1), maar laat Yas Island nu net de plaats zijn waar ik in 2006 twee keer enkele weken aan een stuk een boorcampagne heb opgevolgd. Mocht er dus straks tijdens de wedstrijd een instabiliteit optreden door een niet opgevuld boorgat onder het circuit heb ik er vooral niets mee te maken…
Het gebied had toen nog een heel andere bestemming dan nu, maar regelmatig van idee veranderen is geen groot probleem voor Arabische sjeiks met geld te veel.
Het zag er daar toen ook een pak anders uit dan nu; een enorme afgesloten verlaten vlakte met enkele perfecte, lange en ongebruikte asfaltwegen waar ik met mijn Nissan Pathfinder net niet de maximumsnelheid van een Ferrari haalde. En verder zand, veel zand, en nogeens zand.
Vooral de warmte is me bijgebleven, in juni/juli heb ik er echt afgezien, de temperaturen liepen op tot in de 55°C in de zon, het was vooral een kwestie van zoveel mogelijk in de schaduw te blijven en veel te drinken. Enkele foto’s:
En iets wat weinigen weten, zelfs Louis Tobback werd ooit op Yas Island gespot!
Dinsdagmorgen half één locale tijd in de luchthaven van Chennai, na de bomaanslagen in Mumbai zijn de veiligheidsmaatregelen in de Indiase luchthavens enorm verstrengd, soms tot op het hilarische af.
Bij een van de veiligheidscontroles laat ik me fouileren en metaaldetecteren wanneer de veiligheidsagent me plots wat vraagt:
- A: Where are you going Sir?
- G: I’m going to Brussels
- A: And then Sir?
- G: Then I’ll be driving to leuven, that’s at 20km from Brussels.
- A: Ah, and where do you live Sir?
- G: I live in leuven
- A: So you are going home? That must be the reason why you are looking so happy.
Toen hij zei viel het me ineens ook op dat ik al een hele tijd aan het glunderen moet zijn geweest, een combinatie van een zeer fijne namiddag met de collega’s en het vooruitzicht twaalf uren later thuis bij Lies en Ella te zijn.
Over jetlags zijn er twee meningen, er zijn degenen die beweren dat je er het minste last van hebt bij het van West naar Oost reizen, en er is de meerderheid die aan het omgekeerde vasthoudt.
Bij mij is het geen van de twee, voor mij gaat de overgang na de heenreis altijd zonder problemen. Door de adrenaline van de reis, van het werk dat ter plaatse moet gebeuren; contacten met de klant, in orde brengen van het materiaal, de deadlines, problemen, collega’s… schijn ik die overgang enkel te merken bij het naar kantoor en thuis bellen en sms’en (ik heb Lies gelukkig nog niet om 3 uur ‘s nachts wakkergebeld
)
Maar de terugkeer is altijd andere koek, de stress van het project is dan meestal volledig voorbij, de technische problemen zijn achter de rug, de data zien er goed uit, de klant tevreden. En bij thuiskomst is er dan die doffe waas die enkele dagen blijft hangen, om half negen m’n bed inkruipen, ettelijke tassen koffie drinken (ik weet dat het niet goed is) en wachten tot het voor deze keer weer eens over is.
Nu ik sinds gisteren terugben van een week in India waar het uurverschil zondag dan nogeens steeg naar 4.5 uur (wat een idee trouwens, die halve uren) kijk ik er nu al naar uit om vanavond zalig in bed te mogen kruipen.
Geef mij maar Afrika, maximale cultuurschok aan minimaal uurverschil